Hulp nodig bij letselschade verhalen?
Bel vrijblijvend naar 010 - 4677500 voor meer informatie

De financi√ęle kant van CURE (wel succes en baten)

Het reglement van de Stichting Keurmerk bepaalt dwingend dat:

 

1   Er wordt een afdrachtpercentage van 20% excl. BTW gehanteerd;

Wie schetst onze verbazing juist hier te lezen - en dat terwijl het Keurmerk zich zo sterk weert tegen het No Cure - NO Pay systeem - , dat een ongelimiteerd afdrachtpercentage van 20 % excl. BTW is geoorloofd. Hoe zit het dan met de woekerwinsten en het zo nadelig zijn voor de uitkering aan het slachtoffer? Dat was toch juist het stokpaardje van de bij het Keurmerk aangesloten belangenbehartigers om geen No Cure - NO Pay toe te staan? Kennelijk meet het Keurmerk hier met 2 maten als het gaat om bij het Keurmerk aangesloten Belangenbehartigers? Het riekt verder sterk naar concurrentievervalsing!
 
2 De Belangenbehartiger spant zich in redelijkheid in om de buitengerechtelijke kosten op de
wederpartij te verhalen;

Een mooie volzin, maar wat is de waarde hiervan? Betekent "inspannen" een briefje schrijven naar de wederpartij en zonodig sommeren de kosten van buitengerechtelijke bijstand te betalen en, wanneer het niet lukt, niets aan de hand want dan declareren wij het toch gewoon af op het slachtoffer tegen een tarief van 185 euro per uur of, betekent " inspannen" ook een gerechtelijke procedure opstarten? En zo ja, op basis van welk kostensysteem, Urendeclaratie of NO Cure - NO Pay?
 
 3 Het op de wederpartij verhaalde honorarium ( en hoe zit het met de kosten) wordt aan het
Slachtoffer terugbetaald, onder aftrek van het NO Cure - No Pay percentage. Zijn de
verhaalde buitengerechtelijke kosten ( hier dus wel inclusief verschotten) hoger dan wat
het slachtoffer als gevolg van de NO Cure - NO Pay overeenkomst aan de belangen-
behartiger is verschuldigd, dan brengt de belangenbehartiger de verhaalde kosten
als vergoeding ( lees: declaratie) in rekening bij het slachtoffer, in plaats van het NO
CURE - NO Pay percentage.

 
Ook hier meet het Keurmerk met 2 maten en nooit in het nadeel van de bij het Keurmerk aangesloten belangenbehartiger. In eerste aanleg is niet duidelijk wat men onder honorarium verstaat. Zijn dit de declarabele uren en kosten en/of verschotten, of hebben wij het alleen over de declarabele uren? Kwalijker is dat wanneer de verhaalde buitengerechtelijke kosten (incl. de verschotten) hoger zijn dan het percentage dat het slachtoffer contractueel verschuldigd is aan de belangenbehartiger, de No Cure - No Pay overeenkomst met het slachtoffer opeens niet meer blijkt te bestaan en men gerechtigd is de verhaalde kosten buiten rechte (die hoger zijn dan het verschuldigde percentage) als vergoeding (lees: Urendeclaratie) aan het slachtoffer in rekening te brengen. Kennelijk gaat het Keurmerk er aan voorbij dat het principe van NO Cure - NO Pay ook in het voordeel van het slachtoffer kan werken ( spiegelbeeld) en niet alleen in het voordeel van de belangenbehartiger! Juist in die gevallen waarin de verhaalde buitengerechtelijke kosten hoger uitvallen dan het percentage dat het slachtoffer contractueel verschuldigd is, komen de meerverhaalde kosten van buitengerechtelijke bijstand ten goede aan het slachtoffer.

Alleen het contractueel overeengekomen percentage is immers bepalend voor de berekening van het bedrag dat het slachtoffer aan de belangenbehartiger verschuldigd is. Het risico dat de belangenbehartiger in een NO Cure - No Pay overeenkomst minder kan ontvangen dan zijn daadwerkelijk gemaakte kosten, behoort ook hier tot het bedrijfsrisico van de belangenbehartiger en zijn kantoor.

<< vorige pagina